Zonder zon geen leven

Zonder zon geen leven

De zon is de ultieme bron van licht, warmte, energie en indirect ook voedsel voor het leven op aarde. Zonder zon was er simpelweg geen leven geweest zoals wij dat kennen. Als je naar onze evolutie kijkt, zie je dat mensen lange tijd hebben geleefd in directe wisselwerking met licht en donker. Binnen zijn bood bescherming tegen kou, hitte, wind en gevaar. Dat was essentieel voor overleving. In de loop van de tijd is die balans verschoven. Veel mensen staan ’s ochtends op, stappen in de auto, werken vooral binnen, rijden weer terug en brengen de avond zittend door, vaak onder kunstlicht en met weinig echt daglicht. Onze manier van leven maakt dat we veel binnen zijn en weinig natuurlijk daglicht ontvangen. Dat betekent dat we een prikkel missen waarop het menselijk lichaam zich gedurende de evolutie heeft afgestemd.

Zonlicht als tijdsignaal

Daglicht is meer dan een bron van energie of een manier om vitamine D aan te maken. Het fungeert ook als een biologisch tijdsignaal. Via de ogen en het zenuwstelsel krijgt het lichaam informatie over het moment van de dag, wat helpt om interne ritmes af te stemmen. Dit zogenoemde circadiane ritme stuurt onder andere slaap en waakzaamheid, lichaamstemperatuur, stressrespons en de aanmaak van hormonen. Wanneer dit ritme goed is afgestemd op de natuurlijke afwisseling van licht en donker, verloopt die regulatie meestal soepel en vanzelfsprekend. In dat licht is het niet vreemd dat fel kunstlicht in de avond, vooral van schermen zoals telefoons, tablets en laptops, het lichaam kan verwarren. Dit licht bevat relatief veel blauw licht, een golflengte die het brein normaal gesproken associeert met daglicht. Blootstelling hieraan in de avond kan de aanmaak van melatonine onderdrukken, het hormoon dat het lichaam voorbereidt op slaap. Daardoor kan het lastiger worden om tot rust te komen, in te slapen of diep te slapen, zelfs wanneer men lichamelijk moe is. Voor veel mensen is het verschil tussen buitenlicht overdag en gedimd licht in de avond al genoeg om het lichaam weer beter te laten meebewegen met zijn natuurlijke ritme.

Verdieping: het infrarode deel van zonlicht

Wanneer we over zonlicht spreken, denken veel mensen vooral aan zichtbaar licht en aan ultraviolet licht vanwege vitamine D. In werkelijkheid bestaat zonlicht uit een veel breder spectrum. Een groot deel van het licht dat de aarde bereikt bevindt zich in het infrarode bereik. Dit deel is onzichtbaar voor het oog, maar fysiek wel aanwezig. Infrarood licht heeft andere eigenschappen dan ultraviolet of zichtbaar licht. Ultraviolet wordt grotendeels aan het oppervlak geabsorbeerd, terwijl infrarood licht dieper kan doordringen in het lichaam. Afhankelijk van de golflengte kan het enkele centimeters penetreren, door huid en onderliggend weefsel heen. Daardoor bereikt het niet alleen de huid, maar ook spieren en andere structuren daaronder. Dat maakt infrarood licht biologisch interessant. In vrijwel alle lichaamscellen bevinden zich mitochondriën, die verantwoordelijk zijn voor de energieproductie. Onderzoek laat zien dat blootstelling aan bepaalde infrarode golflengtes de mitochondriale functie kan ondersteunen en samenhangt met een efficiëntere energiehuishouding en een lagere oxidatieve belasting. Dit onderzoeksveld is nog in ontwikkeling, maar het biedt een aanvullend perspectief op wat zonlicht in het lichaam kan doen. Opvallend is dat infrarood licht ook aanwezig is zonder directe zonblootstelling. Het wordt gereflecteerd door natuurlijke oppervlakken zoals bomen, gras en planten. Buiten zijn, zeker in een groene omgeving, levert daardoor een ander lichtprofiel op dan binnen zijn, zelfs bij veel daglicht of grote ramen. Hoe helder een lamp ook is, grote delen van het natuurlijke lichtspectrum ontbreken binnenshuis. Voor het lichaam lijkt dat verschil betekenis te hebben.

Tot slot

Mijn advies is eenvoudig: ga elke dag naar buiten. Bij voorkeur in een groene omgeving, waar licht, beweging en ontspanning vanzelf samenkomen.